Paus Benedictus

Christus ziet enkel Benedictus als zijn Vicaris op aarde

Het is voor ons belangrijk ons te herinneren dat Jezus Christus de Katholieke Kerk stichtte en dat hij de Auteur en de Toekenner is van alle kerkelijke ambten: ambten die van bovennatuurlijke oorsprong zijn en waaraan Hij een gratie of een genade (munus) heeft vastgekoppeld die niet afgestoten kan worden tenzij door expliciete afwijzing. Waarom is Benedictus XVI nog steeds dé Heilige Vader?

We weten dit door Goddelijke Openbaring. Want toen Hij Simon vroeg wat de mensen dachten over Hem, antwoordde hij: “Gij zijt de Christus, de Zoon van de Levende God.” Waarop onze Heer, Messias en Verlosser antwoordde: “Gezegend zijt gij, Simon, zoon van Jona, want niet vlees en bloed hebben dit aan u geopenbaard, maar mijn Vader die in de hemel is. En ik zeg tot u: Gij zijt Petrus, en op deze steenrots zal ik mijn Kerk bouwen, en de poorten der Hel zullen haar niet overweldigen. En ik zal u de sleutels van het koninkrijk der hemelen geven. En wat gij zult binden op aarde, zal ook gebonden zijn in de hemel; en wat gij zult ontbinden binden op aarde, zal ook worden ontbonden in de hemel.” (Matt. 16)

We slagen er vaak niet in te begrijpen, dat door een Goddelijke belofte, God, die niet kan gebonden zijn aan en geen verplichtingen kan hebben tegenover de mens, zich desalniettemin heeft gebonden aan de mens en zichzelf heeft verplicht wat Hij heeft beloofd. Met betrekking tot het Petrusambt (munus petrinum), heeft Christus zelf zich in feite verbonden aan de officiële daden van de Roomse Paus en diens woorden. Hij heeft dus gewild als God, om niet te handelen indien de Roomse Paus Hem dit niet toestaat, en om te handelen wanneer de Roomse Paus Hem toestaat dit te doen.

Terwijl dit binden van God aan Petrus niet universeel is, betreft het niettemin de Pauselijke Daden, waar de man die Paus is, handelt als paus. Het betreft ook de man die de paus is, terwijl hij ook een gewone mens is, in de kwestie van het aanvaarden en afstand doen van het Pauselijk Ambt (munus petrinum). Want wanneer een man zijn verkiezing of acclamatie tot Paus aanvaardt, verleent Christus aan die man het ambt en de gave van de genade (munus) die Hij aan Sint Petrus gaf, en die doorgegeven moet worden aan de bisschoppen van Rome tot het einde der tijden. De Kerk, in haar wijsheid, heeft dit ambt en deze gave van genade met het enige Latijnse woord aangeduid, dat zowel ambt als gave betekent: “munus.” Geen ander Latijns woord heeft zo’n betekenis. Paus Johannes Paulus II, als wetgever van de Nieuwe Codex van de Canonieke Wet, die in 1983 werd afgekondigd, voegde dat woord toe aan Canon 332 § 2, als de fundamentele voorwaarde, om de erkenning van een pauselijk ontslag in gang te steken.

CANON 332 § 2.

Si contingat ut Romanus Pontifex muneri suo renuntiet, ad validitatem requiritur ut renuntiatio libere fiat et rite manifestetur, non vero ut a quopiam acceptetur.

De wet van de Kerk is duidelijk: een paus treedt af wanneer hij afstand doet van zijn munus (muneri suo renuntiet). En de geldigheid van zo’n aftreden komt voort uit de daad zelf wanneer het gebeurt conform de normen van de wet (rite manifestetur) en vrij is (dus niet gedwongen).

Terwijl mensen dat woord in Canon 332 §2 kunnen negeren, kan Christus dat niet. Dit is geen overdrijving, niet zomaar een menselijke opinie. Omdat het vanuit Goddelijk Geloof is dat Christus beloofde te binden en los te maken volgens het woord van zijn Vicaris. Zijn Vicaris, in het toevoegen van dat woord aan de canon betreffende het pauselijk aftreden, deed Christus zich ertoe binden om het ambt en de gave van genade (munus) niet te ontnemen, indien er geen afstand werd gedaan van de munus.

Benedictus heeft herhaalde keren benadrukt dat hij vrijwillig aftrad, dat zij aftreden geldig is enz… maar verandert niets aan het feit dat hij geen afstand deed van de Munus.  Benedictus deed in zijn toespraak op 11 februari, en op 28 feburari 2013 afstand van het “ministerium” of de uitoefening van het ambt, maar niet van de munus of het ambt zelf. Vandaar dat hij ook verder als “Zijne Heiligheid” wilde aangesproken worden, witte gewaden, het Pauselijk pectoraalkruis enz wilde blijven dragen, en het Pauselijk wapenschild wilde blijven gebruiken. In het artikel van 2016 “Paus Benedictus op de vraag of hij de laatste paus is: ‘Alles is mogelijk’” schreven we:

Socci herinnert ons dat de figuur van een “paus emeritus” volledig onbekend is in de Kerkgeschiedenis en benadrukt de canon dat een paus die zijn ambt verlaat, automatisch terugkeert tot de status die hij had voor zijn verkiezing, omdat het pausschap, in tegenstelling tot de bisschoppelijke wijding, geen sacrament is. Terwijl de bisschoppen dus bisschoppen blijven, zelfs als ze niet langer een jurisdictie hebben, is dit niet het geval met een paus. Desalniettemin kondigde Benedictus in de laatste dagen van zijn pontificaat aan, tegen de mening van alle canonisten in, dat hij “paus emeritus” zou worden na zijn aftreden. Hij gaf een canonieke noch theologische rechtvaardiging voor zijn ongewone stap, die zelfs nog ongewoner was dan het aftreden zelf. Tijdens zijn laatste audiëntie op 27 februari zei hij: “Mijn beslissing om de actieve versie van het ambt te verlaten betekent niet dat het wordt teruggetrokken (het paus zijn).” Hij koppelde deze verklaring aan de aankondiging dat hij in het Vaticaan zou blijven en verder het gewaad van een paus en het pauselijk wapenschild zou dragen, en dat hij nog steeds bij zijn pauselijke naam wilde genoemd worden, inclusief de eretitel “Zijne Heiligheid”

“Dat was genoeg om de vraag te stellen van wat er aan het gebeuren is, en of hij zich echt wel terugtrok van het pausschap.” Vandaar dat Socci al van in 2013 zijn bezorgdheid over het ongewone aftreden en het daaropvolgende conclaaf in diverse artikels duidelijk maakte. Ondertussen onderzocht de canonist Stefano Violi de verklaring of “Declaratio” waarmee Benedictus zijn aftreden aankondigde, en hij kwam tot de conclusie: “Benedictus ging akkoord om het ministerium (de bediening) te verlaten: niet het pausschap onder de bepalingen van Bonifatius VIII, noch de munus (het ambt zelf) volgens Canon 332 §2, maar het ministerium, of zoals verklaard in zijn laatste audiëntie: de actieve uitoefening van het ministerie.

De heilige Hiërarchie, en in het bijzonder het College van Kardinalen, moet deze fundamentele theologische waarheid erkennen, en terugkeren naar een correcte erkenning van de feiten van dit geval. Ze moeten negeren wat de mensen zeggen over wat gebeurde op 11 februari 2013, op basis van wat een verslaggever met weinig kennis van Latijn dacht dat Benedictus zei. Ze moeten negeren wat allen denken dat wat die daad betekende. Ze moeten enkel en alleen zich baseren op Canon 332 §2, volgens wat die canon zegt in z’n officiële Latijnse tekst. Ze moeten het lezen in samenspraak met canon 17 en de tekst Non solum propter.

Ze moeten erkennen dat, wanneer de Vicaris van Christus geen afstand doet van het ambt en de gave van genade die Christus aan hem alléén gaf, Christus dit niet aan een ander kan doorgeven, zelfs indien de hele Kerk wil dat Hij het doorgeeft. Hij kan niet handelen totdat zijn Vicaris handelt. En zelfs indien Zijn Vicaris verward is ten gevolge van hoge leeftijd, kan Hij niet handelen.

Dus, is het onbetwistbaar waar dat Paus Benedictus XVI nog steeds de Paus is, en dat Christus zelf enkel Benedictus beschouwt als Zijn Vicaris op Aarde. God zelf kan niet anders handelen. Hij kan zijn belofte aan Petrus niet breken.

Het wordt dringend tijd dat de goede Kardinalen, zoals Kardinaal Burke en Brandmüller dit gaan inzien. Volgende maand is het reeds 6 jaar geleden dat Benedictus “aftrad”, en hij is nog steeds gezond en wel!

Bron: From Rome


Er kan slechts één door Mijn Zoon gemachtigd hoofd van de Kerk op aarde zijn, die Paus moet blijven tot aan zijn dood. Ieder ander die er aanspraak op maakt op de Stoel van Petrus te zitten, is een bedrieger. (Het Boek der Waarheid – Moeder van de Verlossing, 22 juli 2013)

5 antwoorden »

  1. Een uitstekend artikel. Fijn dat dat nu ook in het Nederlands is. Ik wil graag wijzen op de boodschap in het Boek der Waarheid van 19 maart 2013, de dag van de intronisatie van Bergoglio (6 dagen na zijn verkiezing): “Vergis je niet – er kan slechts één paus zijn in één leven!” De facto bekleedt hij wel de positie van een paus, dat is onloochenbaar, maar dat heeft evenveel waarde als het leiderschap van andere instituten, zoals van de Anglicaanse kerk. Ik ben daarom aan deze Bergoglio evenveel gehoorzaamheid verschuldigd als aan mijn buurman indien ik vaststel dat hij bepaalde grondwaarheden en Christelijke leefregels met de voeten treedt. En dat is zeker niet op ondergeschikte details! Alhoewel op wikipedia staat dat hij abortus in al zijn vormen afwijst, blijkt hij een groot voorstander daarvan te zijn. Kijk maar naar de artikelen op deze website die dat aan de kaak stellen.

  2. goed artikel, dat er weer is op wijst dat de paus moet aanblijven tot zijn dood !!