Ziet toe dat uw liefde niet bekoelt

Door het hand over hand toenemen van de zonde zal de liefde van de meesten verkoelen. Wie echter ten einde toe volhardt, hij zal gered worden.” – Matt. 24,11-12

Dit is een fragment uit de eindtijdrede van Jezus in het Matteüs-Evangelie. Jezus spreekt hier over het toenemen van de zonde, het verkoelen van de liefde en de volharding tot het einde. Even een bemoediging.

De zonde in de wereld neemt inderdaad almaar toe. De wereld wordt met de dag een slechtere plaats; almaar meer verdorven en verrot. Om zie van te worden. Niet de schepping is om slecht van te worden, maar het moreel verderf in deze wereld door de zonde die meer dan ooit tevoren welig tiert. Het is wellicht nu een stuk erger dan vlak vóór de Zondvloed. En inderdaad, in de wereld verkoelt de liefde meer en meer; de haat krijgt steeds meer de bovenhand.

Nu is er ook een vervolging en zuivering van de Kerk, en onder het mom van een ‘coronapandemie’ mogen in België slechts 15 personen, in Nederland slechts 30 personen tegelijk een H. Mis bijwonen. Bisschoppen verzetten zich niet, en priesters zijn soms zelfs de eerste initiatiefnemers om de deuren van hun kerk te sluiten voor de gelovigen, uit voorzorg tegen eventuele “besmettingen.”

Maar daardoor blijven vele nog goede katholieken thuis en luisteren ze naar de Mis op de radio of op tv. “Want – zo denken wellicht velen – de kans is klein dat er voor ons nog plaats zal zijn in een eventuele Mis.” Het gevolg is dat heel wat kerken bijna leeg zijn, en zeker geen 15 aanwezige personen tellen tijdens een H. Mis (de bekende Pastoor Penne heeft dit recent nog toegegeven). Sommige priesters hebben aan de andere kant voor de zekerheid de publieke H. Missen maar geschrapt op zondag, want er zou wel eens “te veel volk” kunnen komen…

Maar eigenlijk is dit allemaal een test voor ieder van ons:

“Hoezeer bemint gij Mij”?

Het gaat er hier dus om te tonen aan Jezus hoe heldhaftig onze liefde voor Hem is. Tot wat we bereid zijn om Hem te eren en onze liefde voor Hem te tonen door het bijwonen van een (goede) H. Mis en/ of Hem te ontvangen in de Heilige Communie?

Is onze liefde vurig, heldhaftig, of is ze ook eerder aan het bekoelen?

Dat is de vraag die we ons toch mogen stellen.

“Zó bemin ik U. Hoezeer bemint gij Mij?”

Dat geldt zowel voor de priesters: zijn ze bereidt om méér H. Missen te celebreren, om aldus méér gelovigen de kans te bieden de H. Mis bij te wonen en de H. Communie te ontvangen? – als voor de gelovigen: zijn ze bereid om een extra inspanning te leveren om fysiek een H. Mis bij te wonen, de H. Communie te ontvangen en aldus Jezus hun liefde te tonen? Ook al moeten we misschien tegen onze zin een mondmasker dragen? Ook al zijn we misschien toch een beetje bang van dat zogezegde “coronavirus”?

Want heel wat mensen denken ten onrechte dat het luisteren naar een H. Mis op radio of tv hetzelfde is zoals het fysiek bijwonen van een H. Mis, maar dit is niet het geval.

Vader Jerry Pokorsky, van het bisdom Arlington (VS), en directeur van Human Life International, schreef een artikel over “de gevaren van live-gestreamde Missen“.

Hij schreef o.a.:

Live-gestreamde Missen op het internet zijn “het nieuwe normaal” van eredienst geworden. Maar deze quasi-liturgische innovatie kan problematische gevolgen hebben op lange termijn.

De Heilige Mis is voor altijd de “bron en het hoogtepunt” van het Christelijk leven en dus geestelijk essentieel. “Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, tenzij u het vlees van de Mensenzoon eet en Zijn bloed drinkt, hebt u geen leven in u.” (Joh. 6:53). Tijdens het Laatste Avondmaal, omringd door zijn eerste priesters, beval Hij hen: “Doe dit ter nagedachtenis van Mij” (Luc. 22,19).

De componenten van de Mis zijn gemeenschappelijk en persoonlijk. Ze zijn geworteld in de Joodse eredienst. De Liturgie van het Woord vervult en vervangt de eredienst in de synagogen, en de Liturgie van de Eucharistie vervult en vervangt de tempeloffers door het Ene Offer van Jezus. Het ontvangen van Jezus tijdens de Communie – zijn lichaam, bloed, ziel en goddelijkheid – bereidt ons voor om terug te keren naar de wereld en anderen lief te hebben zoals Jezus ons liefheeft.

De sacramentele H. Communie dient dus onder andere om onze liefde niet te laten bekoelen – de liefde voor God en voor onze medemens.

Vader Pokorsky schreef verder:

De Werkelijke Tegenwoordigheid is iets dat wij aanraken en ervaren: ‘HET bestond vanaf het begin – we hebben het gehoord en met eigen ogen gezien; we hebben het aanschouwd en onze handen hebben het aangeraakt – dáárover spreken wij, over het woord dat leven is. Want het leven is verschenen; het eeuwige leven dat bij de Vader was, heeft zich aan ons geopenbaard, wij hebben het gezien, wij getuigen ervan, wij maken het u bekend. (1 Joh. 1-2)

Jezus is tegenwoordig tijdens de heilige Eucharistie op verschillende manieren: in de persoon van de priester, in de verkondiging van het Woord en in het vergaderde volk: “Want waar twee of drie vergaderd zijn in Mijn Naam, daar ben Ik in hun midden.” (Matt. 18,20)

Jezus is bovenal aanwezig onder de gedaante van brood en wijn na de Consecratie: “Christus komt aanwezig, geheel en volledig God en mens.” (Mysterium Fidei, nr. 39)

Nu wordt tijdens live-gestreamde Missen een daad van “geestelijke Communie” aanbevolen.

De Kerk heeft altijd de praktijk van het doen van een geestelijke Communie buiten de Mis aanbevolen. Het gebed van de Heilige Alfonsus de Liguori anticipeert een toekomstig ontvangen van de H. Communie; hij stelt het niet voor als een substituut.

[…]

Aan huis gebonden Katholieken voelen een zekere verbintenis met de Kerk wanneer ze de Mis op tv bekijken. Dus de groeiende toevlucht tot live-gestreamde Missen kan op het eerste zicht lijken als een aanvaardbaar tussentijds middel om de parochianen verbonden te laten voelen met hun pastoor en de dagelijkse H. Mis. Maar er zijn duidelijke gevaren aan het gewoontegetrouw “bijwonen” van de Mis in de virtuele realiteit van televisie en internet, en dit kan de verklaring zijn waarom sommige Katholieken gestreamde Missen vermijden. Het is niet echt. 

Sommige gelovigen – waaronder zelfs zeer devote mensen – zeggen dat ze de Mis “bijwonen” door naar de via tv uitgezonden versie te kijken. Als gevolg daarvan – zoals vele priesters weten – verliezen sommige ouderen gradueel het verlangen om de H. Communie te ontvangen buiten de H. Mis; waarbij ze zich beroepen op hun “bijwoning van de tv-Mis”. […]

De Mis en dus ook de consecratie is virtueel – het is een virtuele realiteit en een virtuele Tegenwoordigheid in plaats van een Werkelijke Tegenwoordigheid.

En de priester schreef:

Een live-gestreamde Mis anticipeert niet het ontvangen van de Heilige Communie; het is een vervanging van onze gemeenschappelijke participatie. De beelden focussen zich op de gebeden van de priester. Participatie is beslist passief of volledig inwendig/geestelijk – dat op z’n best protestants, of op z’n slechtst gnostisch kan zijn. Het traject van deze uiterlijkheden kunnen verder het Katholieke gevoel van nood voor en verlangen naar de Werkelijke Tegenwoordigheid eroderen.

Welke Jezus willen wij? Jezus op een elektronisch scherm, of Jezus in het echt, en via de H. Communie écht in ons hart?

En vader Pokorsky besloot:

We mogen niet toelaten dat de virtuele realiteit van elektronische beelden ons verlangen naar de Werkelijke Tegenwoordigheid vervangt.

Paus Benedictus XVI schreef dan ook treffend in zijn Encycliek ‘Sacramentum Caritatis‘ van 2007:

Deelname doorheen de communicatiemedia

Finaal, met betrekking tot de waarde van het deelnemen aan de Mis via de communicatiemedia, moeten diegenen die deze uitzendingen horen of zien, beseffen dat, onder normale omstandigheden, ze hun plicht van het bijwonen van de Mis niet vervullen. Visuele beelden kunnen de realiteit vertegenwoordigen, maar ze herproduceren het eigenlijk niet. Terwijl het prijzenswaardig is dat de ouderen en de zieken deelnemen aan de Zondagsmis doorheen radio en televisie, kan hetzelfde niet gezegd worden van diegenen die denken dat zo’n uitzendingen hen dispenseren van het gaan naar de kerk en het delen in de eucharistische gemeenschap in de levende Kerk.

De omstandigheden zijn natuurlijk nu niet helemaal normaal, maar laten we vooral niet verslappen in onze liefde voor de Eucharistische Heer, en toch ons best te doen om ondanks alles toch (regelmatig) trachten de H. Mis bij te wonen en Hem waardig en eerbiedig te ontvangen in de H. Communie, ook al is dat nu een stuk moeilijker geworden. Lukt bijwonen van de Zondagsmis echt niet, dan kan misschien een Weekmis.

Ook kan men, als het écht niet lukt om de H. Mis bij te wonen, steeds de H. Communie vragen aan een priester.

Jezus nodigde vele heiligen, waaronder bvb. de Heilige Maria-Margaretha Alacoque, uit tot veelvuldige sacramentele H. Communie. Hij zou dat niet gedaan hebben indien dat geheel hetzelfde zou zijn als geestelijke communie. In tijden van vroegere vervolging gingen gelovigen een clandestiene H. Mis opzoeken ergens op een zolder of in een schuur. In China komen katholieken ook nog steeds clandestien samen om de H. Mis te celebreren, met gevaar om opgepakt te worden.

Zoals Mgr. Schneider zei, is de macht en de invloed van Satan nu groter dan ooit tevoren. Daarom hebben wij Jezus nu meer dan ooit tevoren nodig.

Laten we onze liefde voor de Heer niet bekoelen, en laten we onszelf steviger dan ooit vastklampen aan Hem.

Bron: Catholic Culture

7 reacties op “Ziet toe dat uw liefde niet bekoelt”

  1. Anna Avatar
    Anna

    Allemaal goed en wel, maar als je Coronaverschijnselen hebt en het is bevestigd door de huisarts via een test, dan mag je toch echt niet meer naar de kerk gaan, ook al wordt het bezoek door niemand gecontroleerd. Mijn man is door een zakenrelatie besmet geraakt op het werk, omdat deze niet had vermeld dat hij zelf besmet was. Uiteindelijk is mijn man doodziek geworden en heeft hij ook mij besmet. Ik kan u niet beschrijven hoe ziek en hoe benauwd je jezelf als Coronapatiënt kunt voelen terwijl er geen medicament beschikbaar is. Het ziekenhuis mag hier in Nederland slechts in uiterste nood worden benaderd. Kortom, als u ziek wordt, bescherm dan uw priesters en medeparochianen door u aan de regels te houden. Blijf ook thuis vooral bidden en vertrouwen op God. Hij zal u niet in de steek laten. Dat hebben wij zelf ook mogen ervaren in deze benauwende tijden. Veel sterkte en wijsheid toegewenst! Anna.

  2. agnesmaars Avatar
    agnesmaars

    In dat geval volstaat een Geestelijk Communie. Is mij altijd gezegd, wanneer er nood is en het bijwonen van de Eucharistie NIET mogelijk is, een Geestelijk Communie geldig is al ware het de èchte communie

  3. Marc Van de Steen Avatar
    Marc Van de Steen

    De Heer ontvangen op de hand heb ik door de woorden van Moeder Theresa vermeden: ” dit is het ergste kwaad”. Ik ga dus zo niet meer te communie want onze pastoor geeft de communie enkel in de hand.
    Wij worden gehinderd om de Heer nabij te zijn, maar hij laat Zich niet hinderen om in een hart te komen dat oprecht naar zijn Liefde verlangt.
    Daarom ga ik elke dag een uur bij Hem zitten in een lege kerk. Daar doe ik dan ook een geestelijke communie. Als ik de liefde van de Heer enkel beoordeel naar MIJN verlangens , ben ik dan niet eerst met mezelf bezig in plaats van met Zijn vreugde om in mij te komen ?
    Zijn verlangen om in mij te leven is veel groter dan mijn verlangen naar Hem … ik geef me aan Hem en Hij kijkt naar mij …

    1. Anna Avatar
      Anna

      Geachte heer Van der Steen, laat de H. Mis nooit vallen voor Communie op de hand. Ik heb altijd de communie op de tong genomen, tot het verplichte “Coronaschepje” om de hoek kwam kijken, wat ik ronduit belachelijk vond. Wat nu, dacht ik. Ik heb in gebed de Heer om raad gevraagd en ik kreeg een ingeving: Laat een klein, ceremonieel, wit kleedje, dat in de kerk, vóór, bij het altaar wordt gebruikt, wijden door een priester. Gebruik dit kleedje om in het vervolg het Lichaam van Christus op te ontvangen en gebruik de punt van het kleed om de H. Hostie op te pakken en op uw tong te leggen. Raak de H. Hostie zelf nooit aan. Zo gezegd zo gedaan. Toen ik een paar dagen later naar mijn biechtvader ging om mijn. ervaring voor te leggen en hem te vragen waar ik aan zo’n kleedje zou kunnen komen, had hij er, tot mijn grote verbazing, een klaarliggen voor mij en hij heeft het ter plekke gewijd met de mededeling dat “het goed was”. Ik heb een groot vertrouwen in hem, omdat hij altijd een felle tegenstander is geweest van de handcommunie. Hij is overigens een Belgische priester die werkt als pastoor in Haaren. Gods wegen zijn ondoorgrondelijk. Geef dus nooit de moed op in deze moeilijke tijden en blijf vindingrijk. God zal het u lonen. Hartelijke groet, Anna.

  4. agnesmaars Avatar
    agnesmaars

    Zo had ik de ingeving om een pixis te gebruiken. Je kunt ze zelfs nog kopen ook. Google maar eens op goede religie shops. Maar toevallig had ik er één uit een erfenis, zo’n klein zilverkleurig hostiedoosje. In de familie doen er niet veel meer wat met het geloof en heb mijn moeder de pixis mij toevertrouwd. Altijd heel zorgvuldig bewaard in een lade, en nu komt het toch nog van toepassing. Zo zie ja maar weer. Er zijn nog mooie te koop .

  5. Anna Avatar
    Anna

    Ik was in dit geval ook bijzonder benieuwd geweest naar het commentaar van “Lunsius” over het besprokene, maar ik heb zijn vertrouwde, vaderlijke oog spijtig genoeg bij de reacties nog niet mogen zien. Bent u wellicht alsnog bereid om uw visie aan ons kenbaar te maken? Hopelijk gaat het goed met u en uw dierbaren.

  6. lunsius Avatar
    lunsius

    Johannes 6:48-58 zegt: «« Ik ben het levende Brood dat uit de hemel is neergedaald, niet zoals het manna dat de Israëlieten aten en toch stierven ze. Als iemand van dit brood eet, zal hij leven in eeuwigheid. Het brood dat Ik zal geven, is mijn vlees dat Ik zal geven voor het leven van de wereld. Als jullie het vlees van de Mensenzoon niet eet en zijn bloed niet drinkt, zullen jullie het leven niet in je hebben. Want mijn vlees is echt voedsel en mijn bloed is echte drank. Wie mijn vlees eet en mijn bloed drinkt, blijft in Mij en Ik in hem. »»

    Hieruit blijkt dat we echt het levende brood moeten eten, en bij onmogelijkheid daarvan, tja, nood breekt wetten, kunnen we volstaan met een geestelijke communie, maar het is toch wat anders. Een groot heilige, maar dat ben ik zeker niet, zou daar mee kunnen volstaan, meen ik toch. Alhoewel het Misoffer een herdenkingsplechtigheid is, wordt omdat voor God tijd een andere dimensie heeft dan voor ons in die herdenking het KRUISLIJDEN in de tegenwoordige tijd gesteld. En alhoewel dit ons verstand te boven gaat en we mogen antwoorden: “Wat? Wat?” …is en blijft het toch waar. Ja, diezelfde reactie hadden ook de Israëlieten toen het manna uit de Hemel viel tijdens hun trektocht door de woestijn, want het Hebreeuws voor “Wat?” is manna!

    De consecratie werd voorspeld in het Oude Testament, en de Joodse schriftgeleerden zijn daar heel goed mee bekend. De Grote Lofpsalm (Psalm 136) wordt door zijn eenvoudige ritmiek veel en enthousiast gezongen. Door het derde Hebreeuwse woord in vers 25 te punctueren (de punctiatie is facultatief), wordt de vertaling: “Hij (Jahwe) geeft alle volken het brood dat vlees is.” Hier verwijst de beroemde en veel geciteerde Moshje de Prediker naar in Psalm 34:9, in 1 Petrus 2:3 geciteerd: “Geproefd hebbende van de zoetheid des Heeren.” En Moshe becommentarieert: “Proef en zie hoe goed Jahwe is. Want het brood dat Hij allen geeft, is zijn eigen vlees. En terwijl de smaak brood aankondigt, is het in vlees veranderd.” (Moshje de Prediker, gekend ook als Rabbi Mosché Ha-Darshan van Narbonne, was een Joodse schriftgeleerde uit de Middeleeuwen.)