
Aartsbisschop Viganò heeft zijn antwoord klaar op de beschuldiging van Bergoglio en zijn trawanten dat hij schismatiek is. Viganò beseft dat hij op een dag geoordeeld zal worden door Christus, hij beseft de zware verantwoordelijkheid die hij draagt, en zegt van plan te zijn te volharden in de goede strijd en in het geven van zijn geloofsgetuigenis. Hieronder zijn ongezouten mening.
Het Dicasterium voor de Geloofsleer heeft mij met een simpele e-mail op de hoogte gesteld van de inleiding van een buitengerechtelijk strafproces tegen mij, met de beschuldiging van het misdrijf van schisma en mij ervan beschuldigd de legitimiteit van “paus Franciscus” te hebben ontkend, de gemeenschap “met hem” te hebben verbroken en het Tweede Vaticaans Concilie te hebben verworpen.
Ik ben gedagvaard in het Paleis van het Heilig Officie op 20 juni, persoonlijk of vertegenwoordigd door een canoniek advocaat. Ik neem aan dat het vonnis al klaar is, aangezien het een buitengerechtelijk proces is.
Ik beschouw de beschuldigingen tegen mij als een eer. Ik geloof dat alleen al de formulering van de aanklacht de stellingen bevestigt die ik herhaaldelijk heb verdedigd in mijn verschillende toespraken. Het is geen toeval dat de beschuldiging tegen mij gaat over het in twijfel trekken van de legitimiteit van Jorge Mario Bergoglio en de verwerping van Vaticanum II: het concilie vertegenwoordigt de ideologische, theologische, morele en liturgische kanker waarvan de Bergogliaanse “synodale kerk” de noodzakelijke metastase is.
Het is noodzakelijk voor het episcopaat, de geestelijkheid en het volk van God om zich serieus af te vragen of het in overeenstemming is met de belijdenis van het katholieke geloof om passief toe te kijken bij de systematische vernietiging van de Kerk door haar leiders, net zoals andere subversieven de burgermaatschappij vernietigen. Het globalisme roept op tot etnische vervanging: Bergoglio bevordert ongecontroleerde immigratie en roept op tot integratie van culturen en religies. Globalisme steunt LGBT-ideologie: Bergoglio staat de inzegening van paren van hetzelfde geslacht toe en legt de gelovigen de acceptatie van homoseksualiteit op, terwijl hij de schandalen van zijn beschermelingen toedekt en hen bevordert naar de hoogste verantwoordelijke posities. Het globalisme legt de groene agenda op: Bergoglio aanbidt de afgod van de Pachamama, schrijft waanzinnige encyclieken over het milieu, steunt de Agenda 2030 en valt degenen aan die de theorie van de door de mens veroorzaakte opwarming van de aarde in twijfel trekken.
Hij gaat zijn boekje te buiten in zaken die strikt betrekking hebben op wetenschap, maar altijd en alleen in één richting: een richting die lijnrecht ingaat tegen wat de Kerk altijd heeft onderwezen. Hij heeft het gebruik van experimentele genserums verplicht gesteld, die zeer ernstige schade, dood en steriliteit veroorzaakten, door ze “een daad van liefde” te noemen, in ruil voor fondsen van farmaceutische bedrijven en filantropische stichtingen. Zijn totale afstemming op de “Davos-religie” is schandalig. Overal waar regeringen in dienst van het World Economic Forum abortus hebben ingevoerd of uitgebreid, ondeugd hebben bevorderd, homoseksuele relaties of geslachtsverandering hebben gelegitimeerd, euthanasie hebben aangemoedigd en de vervolging van katholieken hebben getolereerd, is geen woord besteed aan de verdediging van het geloof of de moraal die wordt bedreigd, of aan de ondersteuning van de burgerlijke strijd van zoveel katholieken die in de steek zijn gelaten door het Vaticaan en de bisschoppen. Geen woord voor de vervolgde katholieken in China, met de medeplichtigheid van de Heilige Stoel, die de miljarden van Beijing belangrijker vindt dan het leven en de vrijheid van duizenden Chinezen die trouw zijn aan de Roomse Kerk.
In de “synodale kerk” die wordt voorgezeten door Bergoglio, wordt geen schisma erkend onder het Duitse episcopaat of onder de door de regering benoemde bisschoppen die in China zijn gewijd zonder het mandaat van Rome. Omdat hun actie overeenkomt met de vernietiging van de Kerk en daarom moet worden verborgen, geminimaliseerd, getolereerd en uiteindelijk aangemoedigd.
In deze 11 jaar van “pontificaat” is de katholieke kerk vooral vernederd en in diskrediet gebracht door de schandalen en corruptie van de leiders van de hiërarchie, die totaal werden genegeerd, zelfs toen het meest meedogenloze Vaticaanse autoritarisme woedde tegen trouwe priesters en religieuzen, kleine gemeenschappen van traditionele nonnen en gemeenschappen die verbonden waren aan de Latijnse Mis.
Deze eenzijdige ijver doet denken aan het fanatisme van Cromwell, typerend voor degenen die de voorzienigheid tarten in de veronderstelling dat ze eindelijk aan de top van de hiërarchische piramide staan, vrij om te doen en ongedaan te maken wat ze willen zonder dat iemand ergens bezwaar tegen maakt. En dit werk van vernietiging, deze bereidheid om af te zien van de redding van zielen in de naam van een menselijke vrede die God ontkent, is geen uitvinding van Bergoglio, maar het belangrijkste (en onbespreekbare) doel van degenen die een concilie gebruikten om het katholieke leergezag tegen te spreken en te beginnen de kerk van binnenuit te slopen, in kleine stapjes, maar altijd in één richting, altijd met de toegeeflijke tolerantie of verwijtbare passiviteit – zo niet de expliciete goedkeuring – van de Romeinse autoriteiten.
De katholieke kerk is langzaam maar zeker overgenomen en Bergoglio heeft de taak gekregen om er een filantropische instelling van te maken, de “kerk van de menselijkheid, van inclusie, van het milieu” ten dienste van de Nieuwe Wereldorde. Maar dit is niet de katholieke kerk: het is haar vervalsing.
Het aftreden van Benedictus XVI en de benoeming door de maffia van St. Gallen van een opvolger die in lijn is met de dictaten van de Agenda 2030 was bedoeld om de wereldwijde staatsgreep mogelijk te maken – en is daarin geslaagd – met de medeplichtigheid en gezaghebbende steun van de Kerk van Rome. Bergoglio is voor de Kerk wat andere wereldleiders zijn voor hun naties: verraders, subversieven en definitieve slopers van de traditionele samenleving die zeker zijn van straffeloosheid. Bergoglio’s gebrek aan instemming (vitium consensus) bij het accepteren van zijn verkiezing is juist gebaseerd op de duidelijke vreemdheid van zijn optreden van bestuur en leergezag ten opzichte van wat elke katholiek van elke tijd verwacht van de Plaatsbekleder van Christus en de opvolger van de Prins der Apostelen. Alles wat Bergoglio doet is een belediging en een provocatie voor de hele katholieke kerk, voor haar heiligen van alle tijden, voor de martelaren die werden gedood in odium Fidei, en voor de pausen van alle tijden tot aan het Tweede Vaticaans Concilie.
Dit is ook en vooral een belediging jegens het Goddelijke Hoofd van de Kerk, Onze Heer Jezus Christus, wiens heilige autoriteit Bergoglio beweert uit te oefenen ten nadele van het mystieke lichaam, met een actie die te systematisch en samenhangend is om de vrucht te lijken van louter onvermogen. In het werk van Bergoglio en zijn kring wordt de waarschuwing van de Heer in praktijk gebracht: “Pas op voor valse profeten, die zich voordoen als lammeren, maar in hun hart vraatzuchtige wolven zijn” (Mt 7,15).
Ik ben vereerd geen kerkelijke gemeenschap met hen te hebben – en ik wil dat ook niet -: hun lobby is een lobby die haar medeplichtigheid met de meesters van de wereld verbergt om vele zielen te misleiden en elk verzet tegen de vestiging van het Rijk van de Antichrist te verhinderen.
Tegenover de beschuldigingen van het dicasterie beweer ik, als opvolger van de apostelen, in volledige gemeenschap te staan met de Rooms-Katholieke Apostolische Kerk, met het leergezag van de Romeinse pausen en met de ononderbroken leerstellige, morele en liturgische traditie die zij trouw hebben bewaard.
Ik verwerp de neo-modernistische dwalingen die inherent zijn aan het Tweede Vaticaans Concilie en aan het zogenaamde “post-conciliaire leergezag”, in het bijzonder op het gebied van collegialiteit, oecumene, godsdienstvrijheid, het seculiere karakter van de staat en de liturgie.
Ik verwerp, wijs af en veroordeel de schandalen, dwalingen en ketterijen van Jorge Mario Bergoglio, die een absoluut tirannieke uitvoering van de macht laat zien, die ingaat tegen het doel dat het gezag in de Kerk legitimeert: een gezag dat plaatsvervangend is van dat van Christus, en als zodanig alleen Hem moet gehoorzamen. Deze scheiding van het pausdom van zijn legitimerende principe, dat Christus de Hogepriester is, transformeert het ministerium (dienstwerk) in een tirannie die die alleen om hem zelf draait.
Geen enkele katholiek die deze naam waardig is, kan in gemeenschap zijn met deze “Bergogliaanse kerk”, omdat deze handelt in duidelijke discontinuïteit en breuk met alle pausen uit de geschiedenis en met de Kerk van Christus.
Vijftig jaar geleden, in datzelfde Paleis van het Heilig Officie, werd aartsbisschop Marcel Lefebvre gedagvaard en beschuldigd van schisma omdat hij Vaticanum II afwees. Zijn verdediging is de mijne; zijn woorden zijn de mijne; en zijn argumenten zijn de mijne – argumenten waartegen de Romeinse autoriteiten hem niet konden veroordelen voor ketterij, maar in plaats daarvan moesten wachten tot hij bisschoppen zou wijden om het voorwendsel te hebben hem schismatiek te verklaren en vervolgens zijn excommunicatie te herroepen toen hij al dood was. Het schema wordt herhaald, zelfs nadat een halve eeuw de profetische keuze van aartsbisschop Lefebvre heeft aangetoond.
In deze tijden van afvalligheid zullen katholieken in pastores die trouw zijn aan het mandaat dat ze van Onze Heer hebben ontvangen een voorbeeld en een aanmoediging vinden om in de waarheid van Christus te blijven.
Depositum custodi (bewaar het u toevertrouwde pand) volgens de vermaning van de apostel: nu de tijd nadert dat ik voor de Zoon van God rekenschap zal moeten afleggen van al mijn daden, ben ik van plan te volharden in het bonum certamen (goede strijd) en niet te falen in het geloofsgetuigenis dat vereist wordt van ieder die als bisschop begiftigd is met de volheid van het priesterschap en tot opvolger van de apostelen is aangesteld.
Ik nodig alle katholieken uit om te bidden dat de Heer zijn Kerk te hulp komt en moed geeft aan hen die vervolgd worden om hun geloof.
+ Carlo Maria Viganò, Aartsbisschop
20 juni 2024
Bron: Fortes in Fide
3 reacties op “Het antwoord van Mgr. Viganò op de Vaticaanse aanklacht tegen hem: ‘Ik ben van plan te volharden in de goede strijd’”
Het verwerpen van het Tweede Vaticaans Concilie? Bizarre aanklacht aangezien dit concilie, zoals destijds heel duidelijk naar voren gebracht, geen dogmatisch concilie was maar als doel had het bij de dag brengen van de reeds gekende geloofsschat, een aggiornomento of ajournement (een boekhoudkundige term). Het concilie zelf werd van a tot z gemanipuleerd, zoals beschreven in “The Rhine flows into the Tiber” door Ralph Wiltgen. En alhoewel de decreten van het Concilie nog binnen die geloofsschat stonden, was de dubbelzinnige taal een heerlijke tuin voor de progressieve elementen binnen de Roomse Kerk om alles naar hun hand te zetten. Indien van verwerping sprake is, is het de uitleg van het concilie nadien waarvan de wrange vruchten niet meer ontkend kunnen worden. Er is één vrucht van het concilie, die Johannes Paulus II zijn levenswerk noemde, die aller lof verdient, en welke vlak voor de beëindiging van het millennium werd gepubliceerd, en dat is “De Cathechismus van de Katholieke Kerk”.
Viganò zegt dat het oordeel al bij voorbaat vaststaat omdat het een buitengerechterlijke oproep is. Maar daarin vergist hij zich. Natuurlijk het vonnis staat al vast maar niet vanwege de buitengerechterlijkheid. Voor deze weg zal het Vaticaan hebben gekozen omdat het een snelle weg biedt waarbij Viganò maar korte tijd in de publicitaire schijnwerpers zal staan. Tegenwoordig is in bijna heel Europa de rechtspraak verloederd, wat in Duitsland “der Gleichschaltung der Behörden unde Gerichte” heette, wat betekent dat de gerechterlijke macht hun uitspraken moeten aanpassen aan de heersende politieke klimaat en zo nodig de wetten masseren om zulks mogelijk te maken. Jurisprudentie, lik me vestje.
De Poolse kardinaal Stefan Wyszyński zei midden zeventiger jaren tijdens een preek toen zijn land nog onder het communisme zuchtte: “Er bestaat nu [binnen de muren van het Vaticaan] een ware en een valse kerk (…) De Kerk van vandaag stelt minder eisen en lost problemen niet langer op volgens de wetten van de levende God, maar volgens de menselijke maat (…) De geloofsbelijdenis is elastisch geworden en de moraal relatief. (…) De Kerk tast in de mist zonder bijstand van de stenen Tafelen van de Decaloog, is tot een kerk verworden die haar ogen sluit voor zonde en bang is voor het verwijt van ‘traditionalisme’ [alsof dat zondigen tegen de Heilige Geest is], eentje die huivert niet bij de tijd te zijn. Het is niet de Kerk van hen die de waarheid leren, wiens ja Ja is en wiens nee Nee.” (Itinéraire – nov. 1975, p. 25) Wyszyński werd voor dit soort onderwijzingen gestraft door sabotage van zijn heiligmakingsproces. Toen kon excommunicatie nog niet zoals ze van plan zijn met Viganò. Paus Johannes Paulus II, toevallig ook een Pool, kon ook niet geëxcommuniceerd worden, alhoewel zijn Catechismus een slag was in het gezicht van de traditionalisten (de daardoor ontstane rode vlek op hun gezicht is nog steeds te zien). Wyszyński’s betoog sluit aan bij wat de paus op de drempel van het millennium in de “Geest der Liturgie” opmerkt: “Wie tegenwoordig het blijvend bestaan van de oude Latijnse liturgie bepleit of eraan deelneemt, wordt als een melaatse behandeld. Elke vorm van tolerantie eindigt hier. In de geschiedenis heeft zich nog nooit zoiets voorgedaan. Door dit te doen verachten en herschrijven we het hele verleden van de Kerk.” Monsignor Klaus Gamber wordt als een der beste liturgisten van de twintigste eeuw beschouwd. Hij zegt in de inleiding van zijn boek ‘De Hervorming van de Romeinse Liturgie’ dat hij “de koude adem van realisme die nu onze eredienst doordringt ten zeerste afkeurt.” Hoe deze wijzigingen hun beslag hebben gekregen wordt door Paus Benedictus XVI, toen nog de prefect van de Congregatie voor de Geloofsleer, in zijn voorwoord toegelicht van Gambers boek. Tot aller verbazing werd dat voorwoord door de uitgever weerhouden. De kwellende zin luidde aldus: “Ook ik heb die beginperiode meegemaakt. Ik spreek uit eigen ervaring, want ook ik heb die periode beleefd met al zijn hoop en verwarring. En ik heb gezien hoe willekeurige deformaties van de liturgie diepe pijn hebben veroorzaakt bij individuen die volledig geworteld waren in het geloof van de Kerk.” Mijns inziens is het de afwijzing van de Tridentijnse Mis die de poorten naar de Hel heeft ontgrendeld en de Kerk van de ene godslastering naar de andere hebben geleid. Is het soms niet godslasterend om niet te willen knielen? Niet willen knielen draagt in het Hebreeuws de betekenis met zich mee van vervloeken. Als het kerkvolk dat besefte zouden ze wel anders doen.